Wat als jij als coach zelf het grootste obstakel bent?

Coachen vraagt meer dan goede bedoelingen. Je werkt immers met mensen waarbij je hun denken, gedrag en keuzes beïnvloedt. Dan is het niet genoeg dat je aandachtig luistert of rake vragen stelt. De echte vraag is: wat is je impact? En begeleid je de ander om zelf antwoorden te vinden en besluiten te nemen, of stuur je de ander (on)bewust in een richting die jij hebt bedacht?

Bovenstaande vragen nodigen uit tot reflectie en introspectie. Hoeveel tijd investeer jij daartoe? Ikzelf maak daar regelmatig tijd voor vrij. Omdat ik het belangrijk vind, maar ook omdat ik als ICF Master Certified Coach iedere 3 jaar mijn accreditatie moet vernieuwen. En daar hoort bij dat ik relevante opleidingspunten behaal, vakliteratuur bijhoud en continu werk aan mijn professionele ontwikkeling. Dus naast dat ik continue ontwikkeling belangrijk vind, wordt ik ook ‘gedwongen’ om mezelf scherp te houden.

Eén van de manieren om mezelf de spiegel voor te houden is maandelijks met een mentor te werken. We kijken samen naar wat ik doe, denk, voel en wat ik teweegbreng. Soms zijn die gesprekken ronduit confronterend, maart altijd inzicht gevend. En dat is precies waarom ik ze zo waardevol vind. Immers, in mijn coachgesprekken neem ik mezelf altijd mee. En als ik mezelf niet onderzoek, worden mijn aannames en oordelen onzichtbaar voor mij, en voelbaar voor de ander.

Om relevante opleidingspunten te behalen volgde ik onlangs een webinar van Marcia Reynolds over drie mentale gewoontes die je als coach helpen om meer verbinding te creëren. Geen nieuwe modellen of tools, maar juist terug naar de basis: hoe jij aanwezig bent, hoe je reageert en hoe je ruimte houdt voor de ander. Drie gewoontes die me raakten, en die ik graag deel.

  1. Eerst afstemmen op jezelf.

Voordat je contact maakt met de ander, heb je op jezelf af te stemmen. Marcia noemt dat: “align your nervous system”. Fysiek, emotioneel en mentaal aanwezig zijn. Met je hoofd (nieuwsgierigheid), je hart (empathie) en je buik (moed). Niet gejaagd of afgeleid, maar beschikbaar in het hier en nu.

Als coach (en uiteraard als mens) voel je het direct als je niet goed afgestemd bent. Je luistert wel, maar mist de onderstroom. Je oordeelt sneller en je stelt vragen die de ander een richting insluizen. Je coachee voelt dat ook, omdat mensen nou eenmaal haarfijn aanvoelen of jij er echt bent, of niet.

Marcia’s tip. Bouw bewust een korte pauze in vóórdat je het gesprek start. Breng je aandacht naar je ademhaling, zet beide voeten op de grond en ontspan je schouders en kaak om jezelf te reguleren. Pas als je merkt dat je lijf tot rust komt, ben je beschikbaar voor de ander. Niet vanuit denken, maar vanuit aanwezigheid. Deze paar seconden maken het verschil tussen reageren vanuit spanning of luisteren vanuit openheid. En precies daar ontstaat echte verbinding.

  1. Bewust reageren, ook op je eigen emoties

Één zin uit het webinar bleef hangen: “You coach them to see better, not to feel better.” Coaching draait niet om het weghalen van ongemak, maar om het vergroten van bewustzijn. Emoties zijn signalen en als je die dempt, mis je de boodschap.

Dat vraagt dat jij je eigen emoties goed kent. Dat je ze voelt, herkent en reguleert. En in plaats dat je ze onderdrukt of laat overspoelen, dat je ze inzet door te benoemen. Niet om het over jou te laten gaan, maar om het coachproces te dienen.

Marcia’s tip. Als je merkt je dat je een emotionele reactie krijgt op wat de ander zegt (zoals bijvoorbeeld ongemak, irritatie of medelijden), benoem dan wat je voelt zonder oordeel. Bijvoorbeeld: “Ik voel spanning, ik wil dit verzachten.” Door het te erkennen, krijgt het minder grip. Dat geeft je de ruimte om bij de ervaring van de ander te blijven, zonder die van jou te laten overheersen.

  1. Merk je oordeel. En laat het los.

We oordelen allemaal. De vraag is niet óf, maar wanneer. En of je het doorhebt. Je hoeft niks te zeggen. Je blik of ademhaling kan al genoeg zijn om het gesprek een kant op te duwen.

Als je je oordeel kunt herkennen én loslaten, ontstaat er ruimte voor de ander. Maar ook voor nieuwe inzichten en een ander verhaal. Dan coach je niet vanuit richting, maar vanuit aanwezigheid.

Marcia’s tip. Voel je dat je iets vindt? Denk je stiekem: “Ik weet wel wat hier speelt”? Pauzeer dan even en stel jezelf de vraag: “Kan ik nieuwsgierig blijven, zónder het te willen fixen?” Alleen al die reflectieve vraag aan jezelf helpt om je innerlijke ruimte te vergroten en je oordeel niet leidend te maken.

Tot slot

Deze drie gewoontes klinken simpel maar ze vragen oefening en eerlijk zelfonderzoek. Immers, als coach bén je je eigen instrument. Dat vraagt om afstemming met en voor jezelf, maar belangrijker nog, met en voor de ander.

Bij COURIUS geloven we in de kracht van coaches die zichzelf blijven ontwikkelen. Niet omdat het moet, maar omdat het hoort bij professioneel vakmanschap. Want als je werkt met leiders of teams, is jouw eigen innerlijke werk de sleutel tot impact.

Nieuwsgierig hoe wij coaching inzetten in leiderschapsontwikkeling? Bekijk dan deze case: www.courius.com/case-study-leiderschapsprogramma-cosun

2 antwoorden

    Stuur mij een e-mail als er vervolgreacties zijn.Stuur mij een e-mail als er nieuwe berichten zijn.

    Plaats een Reactie

    Meepraten?
    Draag gerust bij!

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    *
    *