Schijnproductiviteit? Weg ermee!

We verwachten van onszelf – en van elkaar – dat we elke werkdag van negen tot vijf op volle toeren draaien. Maar de realiteit is anders: niemand functioneert de hele dag op hetzelfde niveau van focus en energie. Ieder mens heeft zijn eigen natuurlijke ritme, met momenten van piekprestatie én van terugval. Wie dat ritme negeert, belandt al snel in een staat van schijnproductiviteit: druk bezig zijn, zonder écht resultaat. De sleutel tot duurzame productiviteit ligt dus niet in harder werken, maar in slimmer werken – afgestemd op je eigen biologie. Dat vraagt om zelfkennis en bewuste keuzes, zoals het managen van energiebronnen en het vermijden van energievreters. Zelfmanagement is daarbij essentieel – en leidinggevenden hebben de verantwoordelijkheid om hierin het goede voorbeeld te geven.

Deel je tijd efficiënt in

Aan de andere kant speelt de omgeving een cruciale rol. Om productief te zijn zonder je bioritme te verstoren, heb je een rustige werkomgeving nodig waar je je tijd naar eigen inzicht kunt indelen en je energieniveau kunt beheren. In een werkomgeving die hier geen ruimte voor biedt, gaan mensen vaak schijnproductief gedrag vertonen. Denk aan marathonsessies van vergaderingen die de aandacht na anderhalf uur al verliezen, maar waar achteraf enthousiast over getweet wordt als zijnde productief. Maar als iets schijnproductief is, dan is het wel het twitteren over productiviteit.

Effectief energiebeheer

Neem bijvoorbeeld de ‘onzekere overpresteerder’ die ontbijtvergaderingen plant om zeven uur ’s ochtends. Op papier lijkt dit productief, maar in werkelijkheid zijn de meeste mensen nog niet eens volledig wakker. Het creëren van een productieve werkomgeving vereist dus een leiderschapsrol waarbij rekening wordt gehouden met individueel energiemanagement in plaats van rigide tijdmanagement.

Van multitasken naar enkelvoudige taken

We leven in een tijd van constante afleiding, vooral op het werk, waar multitasken de norm lijkt. Dankzij technologie zoals smartphones, laptops, tweets en apps denken we vaak dat we enorm productief zijn, maar onderzoek ontkracht deze mythe. Multitasken blijkt vaak neer te komen op het half doen van vele taken tegelijk. Als je denkt dat je goed bent in multitasken, dan is er slecht nieuws: onderzoek toont aan dat degenen die denken dat ze goed zijn in multitasken, er vaak juist slecht in zijn.

Geconcentreerd werken

Multitasken is een vorm van schijnproductiviteit die vraagt om een tweeledige aanpak. Ten eerste vergt het zelfmanagement: geconcentreerd werken, ofwel ‘singletasken’, is een vaardigheid die ontwikkeld kan worden. Ten tweede is het aan leidinggevenden om een omgeving te creëren die vrij is van onnodige afleiding. De alomtegenwoordige kantoortuin draagt hier vaak niet aan bij. Simpele regels zoals geen telefoons tijdens vergaderingen, bellen buiten de werkruimtes, en het beperken van onnodige cc-mails kunnen hierbij helpen.

Vertrouwen en autonomie als sleutel

Een essentieel, maar vaak onderschat aspect in het bestrijden van schijnproductiviteit is vertrouwen. Werknemers die het vertrouwen krijgen om hun werk zelfstandig in te richten, voelen zich verantwoordelijker en presteren beter. Autonomie stimuleert niet alleen creativiteit en werkplezier, maar maakt het ook mogelijk om echt af te stemmen op het eigen bioritme. Dit betekent niet dat er geen kaders nodig zijn, maar wel dat controle plaatsmaakt voor duidelijkheid en vertrouwen. Pas als medewerkers de ruimte krijgen om hun energie optimaal te benutten, ontstaat er ruimte voor échte productiviteit.

Het doorbreken van schijnproductiviteit begint bij jezelf en je team. Heb je hierbij hulp nodig? Maak dan een afspraak met een van onze executive coaches.

1 antwoord

    Stuur mij een e-mail als er vervolgreacties zijn.Stuur mij een e-mail als er nieuwe berichten zijn.

    Plaats een Reactie

    Meepraten?
    Draag gerust bij!

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    *
    *